slogan header

een vraag of reactie?    …contact

Thema: Duitse verhalen

Hier treft u de verhalen met als thema Duitse verhalen

Kies ander thema:

Dransmann, Horst, geboren in 1935 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

Mijn oom werkte in het strafkamp Augustaschacht en na de bevrijding hebben de gevangenen hem gezocht, ze wisten dat hij hier ergens woonde. In het huis tegenover ons, dat mijn grootvader gebouwd had. Mijn oom heeft daarom eerst een paar maanden ondergedoken gezeten bij zijn broer in Gesmold. Als ze ‘m gevonden hadden, hadden ze hem opgeknoopt. En hij zal hun woedde wel over zich afgeroepen hebben. Hij was burgerwacht bij Augustaschacht. Hij liep dus niet in uniform, maar ik denk dat hij net zo slecht was als de geüniformeerde wachters. Hij was bij de burgerwacht en in de partij en toen de oorlog voorbij was, zaten ze allemaal zo weer bij het CDU en in de gemeenteraad.

Ik ben het er absoluut niet mee eens dat mijn oom niet ter verantwoording is geroepen voor zijn daden. Maar dat mocht je in onze familie niet uitspreken. Ik zei wel gewoon: ‘Oom David was net zo’n schoft als alle anderen, anders hadden ze hem destijds niet gezocht.’ Waarop mijn neef dan antwoordde: ‘Dat mag je niet hardop zeggen.’ Zo ging dat toen. Maar ik vind dat hij net zo goed als iedereen gestraft had moeten worden. En mét hem alle andere burgerbewakers, die daar waren. Als wij er naar toe gingen, zaten er altijd meerdere bij elkaar, die het er naar hun zin hadden.


  Lees biografie en alle andere verhalen van Horst

Dransmann, Horst, geboren in 1935 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

Wij hebben nooit honger gehad. We hadden onze eigen landbouw, we hebben ons varken altijd gevoerd en er werd illegaal geslacht. Ik ruilde mijn boterhammen vaak op het schoolplein met Hansi Schlömann. Want als er geslacht werd, had ik 14 dagen leverworst op brood en hij had altijd suiker op brood.

Mijn moeder heeft heel veel goeds gedaan. Mijn vader was timmerman en hij gooide nooit een sleutel weg, hij hing ze met een ijzerdraad bij elkaar in zijn werkplaats in de kelder. Mijn moeder maakte schoon in het gemeentehuis en, ik kan het nu wel vertellen, zij beschikte dankzij mijn vader in een keer over sleutels waarmee zij in het gemeentehuis toegang kreeg tot de archiefkasten waarin de bonkaarten waren weggeborgen. Ze was zo geraffineerd dat ze die bonkaarten naar familie in Greven stuurde, die vervolgens haar kaarten naar moeder stuurde. Zo kon ze dus, toen ze een keer in de winkel echte boter kocht en opgepakt dreigde te worden ( ‘jongedame, gaat u maar eens mee, laat uw bonkaarten eens zien, hoe kan het dat u nu nog een pond boter kunt kopen?’)  naar eerlijkheid antwoorden: ‘Ik heb die kaarten van mijn moeder in Greven toegestuurd gekregen.’


  Lees biografie en alle andere verhalen van Horst

Dransmann, Horst, geboren in 1935 vertelt een Duitse verhalen verhaal:


  Lees biografie en alle andere verhalen van Horst

Hartmann, Rita, geboren in 1931 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

Het was in de kennissenkring van mijn ouders bekend hoe zij over alles dachten. Ze gingen in principe ook alleen met gelijkgestemden om. Ik kan me ook nog een voorval herinneren met de toenmalige lokale partijleider. Die kwam in z’n bruine uniform aan huis, bracht de Hitlergroet en zei Heil Hitler. Mijn moeder antwoordde demonstratief met goedendag … ze heeft nooit Heil Hitler gezegd.

En nog zoiets: voor vrouwen meer meerdere kinderen bestond destijds het ‘Moederkruis’. Dat was het Erekruis voor Duitse Moeders en mijn moeder, die meer dan acht kinderen had, werd daarvoor onderscheiden met het gouden Moederkruis. Dat kon ze niet weigeren, maar ze heeft het nooit gedragen. Ze heeft het onderin haar nachtkastje gelegd, op de plek waar vroeger de po stond. Zo maakte zij duidelijk hoe zij over dat moederkruis dacht. Dus het was met kleine gebaren waarmee ze overduidelijk afstand namen van de nazi-ideologie.


  Lees biografie en alle andere verhalen van Rita

Hartmann, Rita, geboren in 1931 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

Waar ik het meest van ondersteboven ben geweest, is dat Augustaschacht een afdeling heeft gehad voor strafgevangenen. Ze liepen met gestreepte pakken aan, er stond met grote vette letters AZ op hun rug en ze werden in groepen hier over de weg, langs ons huis, geleid. Ze kwamen daar achter van Augustaschacht en moesten naar Osnabrück om puin te ruimen.

Het deed me zo’n pijn om die mensen te zien. Ze waren uitgemergeld, ze waren deels geketend en ze liepen met blote voeten op klompen. En ik kan me nog een voorval herinneren: tegenover ons huis was een akker, waar na de oogst een koolraap was blijven liggen. Een van die dwangarbeiders sprong uit de rij om die koolraap te pakken. Dat mocht niet en toen heeft een van de bewakers hem met zijn geweerkolf geslagen.

Wij wilden hen een keer een stuk brood geven en dat werd toen uit onze hand geslagen.  Later stond er een keer een vrouw toen die groep weer langs kwam en toen vroeg ik haar wat dat voor mensen waren, waarom ze hier waren en wat er met hen gebeurde. Ik was denk ik 10 jaar oud. ‘Ach’, antwoordde ze, ‘dat zijn allemaal asociale elementen.’ Ik ben dat woord nooit vergeten.


  Lees biografie en alle andere verhalen van Rita

Hartmann, Rita, geboren in 1931 vertelt een Duitse verhalen verhaal:


  Lees biografie en alle andere verhalen van Rita

Raddatz, Mathilde, geboren in 1933 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

Er werd nooit over gesproken hoe vreselijk de oorlog was. Dat werd voor het eerst pas echt duidelijk met de Wehrmachtsausstelling (red: de baanbrekende tentoonstelling uit de jaren ’90 met door soldaten in de Tweede Wereldoorlog gemaakte foto’s).  Er werd altijd gezegd: we zijn één volk, één wereld, we moeten ons land uitbreiden, we moeten overwinnen. Pensioenen waren opgebouwd, de werklozen waren van de straat, er moest ruimte komen om ons te ontwikkelen en te groeien. Zo werd er altijd gesproken. Wat het betekende voor de mensen die in een oorlog meegesleurd werden, daar had niemand het over.


  Lees biografie en alle andere verhalen van Mathilde

Raddatz, Mathilde, geboren in 1933 vertelt een Duitse verhalen verhaal:


  Lees biografie en alle andere verhalen van Mathilde

Schlömann, Els, geboren in 1937 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

tegeltje Schlömann Nazi voelenIk ben in 1952/1953 met een jeugdgroep uit Osnabrück naar Drenthe geweest. Daar was een openluchttheater dat opgeknapt moest worden; de jongens deden het graafwerk en de meisjes deeden het huishouden. Een van die avonden werden we per twee bij een Nederlandse familie uitgenodigd. We fietsten er naar toe, de mensen waren heel aardig, er was wat te knabbelen en te drinken. En daar vertelde ik over mijn broer Bernhard, die op 10 april 1945 een kogel door z’n hoofd had gekregen in Deventer. Er viel een ijzige stilte en ik voelde me meteen een nazi. Achteraf had ik natuurlijk spijt dat ik dit verteld had.


  Lees biografie en alle andere verhalen van Els

Schlömann, Els, geboren in 1937 vertelt een Duitse verhalen verhaal:

tegeltje Schlömann oorlogIk wist als kind dat Augustaschacht een gevangenkamp was. In een oorlog maak je gevangenen, dat had ik thuis geleerd. De zonen van onze buren waren ook gevangengenomen. Dat gebeurde gewoon, net zoals ik in de kelder werd opgesloten als ik iets fout had gedaan. Dat was het ergste wat mijn moeder mij kon aandoen en daar werd verder niet over gesproken, dus hierover ook niet.


  Lees biografie en alle andere verhalen van Els

Schlömann, Els, geboren in 1937 vertelt een  verhaal:


  Lees biografie en alle andere verhalen van Els

  © Alle rechten voorbehouden, Project ‘Kinderen van Toen’ Disclaimer & Privacy           Over deze site